In 2014 is de huidige nota Reserves en voorzieningen vastgesteld. Deze nota is de beleidslijn voor de huidige bestuursperiode. Voor een gedetailleerd overzicht van het verloop van de diverse reserves alsmede een overzicht van de verwoorde uitgangspunten per reserve wordt verwezen naar het bijlagenboek.

Overzicht reserves per 1 januari

2017

2018

2019

2020

2021

2022

(bedragen x € 1.000)

Algemene reserve

6.987

7.791

8.310

9.500

10.186

10.186

Overige bestemmingsreserves

13.582

13.620

12.343

11.442

11.223

10.851

Resultaat na bestemming

4.338

Totaal reserves

24.907

21.411

20.653

20.942

21.409

21.037

Algemene reserve
Vanaf het begrotingsjaar 2017 stijgt de omvang van de algemene reserve. De begrote toevoegingen en onttrekkingen hebben voornamelijk te maken met saldi van bestuursrapportages.
Op de algemene reserve wordt geen rente bijgeschreven.
De minimale norm van de algemene reserve geeft voor deze begrotingsperiode het volgende beeld:

Berekening minimale norm algemene reserve

2016

2017

2018

2019

2020

2021

(bedragen x € 1.000)

5% van de begrotingsomvang

4.202

4.902

4.391

4.258

3.977

4.021

5% van de vaste activa minus totale reserves

2.616

2.896

3.157

3.076

2.964

2.787

Totaal minimale norm algemene reserve

6.818

7.798

7.548

7.334

6.941

6.808

Conclusie is dat de begrote omvang van de algemene reserve zich positief ontwikkelt ten opzichte van de norm. Vanaf 2018 is de omvang van de algemene reserve toereikend ten opzichte van de minimale norm.
Daarnaast wordt de omvang van de algemene reserve beoordeeld ten opzichte van de risico’s zoals beschreven in paragraaf B, weerstandsvermogen en risicobeheersing.
Overige bestemmingsreserves
De totale omvang van de overige bestemmingsreserves bedraagt bij aanvang van het begrotingsjaar 2018 € 13,6 miljoen en loopt terug tot € 12,3 miljoen aan het eind van het begrotingsjaar en € 10,9 mln. aan het eind van 2021.
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves lopen via de resultaatbestemming en worden cijfermatig per programma gepresenteerd. De bestemmingsreserves kunnen worden verdeeld in:

  1. Reserves ter dekking van kapitaallasten van afgeronde investeringen (per 1-1-2018, € 6.7 miljoen);
  2. Reserves ter dekking van kapitaallasten van lopende investeringen (per 1-1-2018, € 1,8 miljoen);
  3. Overige bestemmingsreserves ter egalisatie van kosten en realisatie van plannen (per 1-1-2018, € 5,1 miljoen).

Met uitzondering van de reserves ter dekking van kapitaalasten wordt er aan de bestemmingsreserves geen rente toegevoegd.